Rekenen

Ik wil door de leerervaringen rekenen be’grijp’baar te maken en de lesstof be”hand”elen. Vertrekpunt is wat het kind aan feitelijke kennis, op een stressbestendig niveau, heeft. Het kan dus zijn dat we ver terugduiken in de de lesstof.

Het heeft geen nut om door te stomen. Beklijven…kan de stof pas als er een goede basis is. Het kind moet de uitdaging aan durven gaan. Pas op dat moment zullen de leerervaringen vruchten afwerpen en zal er een juiste leeringang gevonden zijn.

  • Het handelen staat voorop…daarnaast gaan we de handelingen verwoorden en samen een plekje geven.
  • Het verwoorden wordt gelinkt aan het doen.  Het bevragen van het hoe en het waarom gekoppeld aan een concrete uitvoering van bewerkingen geeft het kind zicht op procedures, en het economische karakter ervan.
  • Kinderen leren dat ze kunnen kiezen tussen verschillende oplossingswijzen en dat ze kunnen kiezen voor snelle manieren om tot een oplossing te komen. Bij aanvang wordt alles heel uitgebreid gedaan.
  • Als de kennis geautomatiseerd is kunnen we pas stappen inkorten of weglaten en snelheid verhogen. Hier telt dus niet alleen het opdreunen van de rekensom.

Voorop staat: rekenen voor be’GRIJP’baar maken en hen van daaruit het rekenkundig denken bijbrengen en gericht leren toepassen.Eindresultaat : het kind kan de oefening snel en correct in een hoog tempo oplossen.

Door te vragen aan de kinderen hoe ze gedacht hebben om de oefening (juist) op te lossen of te leggen, werk ik ondersteunend naar het zelfbeeld van de kinderen. Immers wanneer iemand je vraagt hoe je gedacht hebt, zegt deze persoon tegelijkertijd dat je kan denken.

Was het niet Descartes die zei: "Je pense donc je suis!".

Door het kind te vragen naar hoe het gedacht heeft om de oefening juist op te lossen, zeggen we tegen het kind : je kan denken, je telt mee zoals je bent!  Het kind komt op deze manier tot de conclusie: IK KAN HET. Het wegwerken van de faalangst of aversie voor rekenen kan het kind helpen om te komen tot meer leerplezier.WP_20140424_025-1 (2)